Ik ben ADHD

adhd-hersens-vs-normale-hersensIk ben op Facebook  lid van diverse ADHD groepen. Op mijn 52e kreeg ik de diagnose ADHD. Lang is er door velen gedacht dat ADHD alleen bij drukke lastige jongetjes voorkomt. Sinds de laatste jaren wordt er steeds meer erkent dat ook meisjes en volwassen vrouwen AD(H)D’ers kunnen zijn. En dat de vrouwelijke vorm zich net iets anders uit dan de mannelijke vorm. En dat je de ene ADHD’er niet kunt vergelijken met de ander. Ik kom op sociale media veel herkenbare dingen tegen waar ikzelf tegen aanloop, of wat ADHD zijn inhoud. Want ADHD heb je niet, je bent het! Tenminste als ik mezelf neem. Ik weet nog steeds niet precies wat Mirjam doet en wat nou door ADHD komt. Ik denk daarom dat iemand niet ADHD heeft maar ADHD is! Van de buitenkant zie je niet direct dat ik ADHD ben, maar ik weet dat door mijn gedrag de rem in mijn hoofd niet werkt zoals bij niet ADHD’ers.  Het “aandacht tekort” slaat niet op onvoldoende aandacht krijgen. Wel kan iemand met ADHD onvoldoende aandacht schenken aan zijn of haar omgeving doordat het niet goed mogelijk is om de aandacht bij één ding tegelijk te houden (concentratiegebrek). Iemand met ADHD is snel afgeleid. De innerlijke controle die wordt verwacht van volwassenen is bij volwassenen met ADHD in verminderde mate aanwezig.

Als ik praat, dan kan ik blijven praten en onderbreek ik zonder dat ik het in de gaten heb gesprekken die ik anderen zie voeren. Vroeger als kind had ik dat nog veel erger, ik heb nu geleerd te luisteren en tot 5 te tellen voor ik reageer, tot 10 tellen is echt nog te lastig voor me. Ik kan ook wel goed luisteren als iets me interesseert, maar dan nog maalt er constant door mijn hoofd dat ik even niks moet zeggen, waardoor flarden van wat mij verteld wordt verloren gaan. Want mijn gedachten staan geen moment stil. En heel soms vergeet ik dan dat ik moet luisteren en flap er weer wat uit, waarna regelmatig direct de gedachte komt:  “dat had je niet moeten zeggen”. En dan schiet ik gelijk weer in de onzekere ik modus, want ondanks dat ik zeer assertief ben, ben ik ook een onzekere muts.

Stemmingswisselingen zijn mij ook niet vreemd. Het ene moment ben ik vrolijk, maar dat kan zo omslaan in negatieve gedachten. Als ik dan niet uitkijk dan ga ik extreem in een neerwaartse spiraal, en vind mezelf niet leuk, ik kan niks, ik ben niks, tot aan wat voor nut dit leven eigenlijk heeft. Overal staan er enorme beren op de weg, ik ga de deur niet uit, ik sluit me af en ben voor mijn directe omgeving niet echt de gezelligste. Er komt dan ook niks uit mijn handen, alles is me teveel en ik ben dan ook extreem moe. In mijn jeugd is mij vaak thuis verweten dat ik maar lui was, gemakzuchtig  (en brutaal). Nu weet ik dat die gedachten, die niet stil blijven staan, heel veel energie kunnen vreten. De ene keer duurt zo’n bui een half uur, de andere keer kan het dagen duren.

Iedere keer vecht ik me hieruit, omdat ik in mijn goeie dagen heel veel leuk vind, ik wil dan overal aan beginnen, in mijn hoofd vooral, maar dan komt de uitvoering. Als ik mezelf dan eindelijk heb gemotiveerd om bijvoorbeeld de ramen te wassen, dan ben ik heel blij. Ik blijf dan ook de hele avond manlief en dochterlief erop wijzen dat de ramen zo mooi glimmen en dat ik zo blij ben dat ik ze gedaan heb. Als manlief een bredere vensterbank in de keuken heeft gemaakt, dan kan ik daar ook zo blij om zijn, en blijf in herhaling vallen hoe blij ik ben met mijn bredere vensterbank. Hij moet nog geverfd worden, en dat zijn klusjes die ik leuk vind. Maar dat stel ik eerst uit, en als ik er eenmaal aan begin dan ben ik er zo trots op dat ik daarna herhaaldelijk loop te roepen hoe mooi het geworden is. Vervolgens laat ik de kwasten liggen zodat ze opdrogen en weggegooid kunnen worden, het bakkie blijft met de restant verf op een krantje staan, en de pot vergeet ik ook af te sluiten. Gelukkig is manlief vol begrip met zijn ADHD schatje en zonder dat ik het door heb is hij alles achter mijn rug om aan het opruimen.

Op het moment dat ik dit bovenstaande stukje geschreven heb, heb ik nog geen 5 minuten achter elkaar hier op mijn stoel gezeten. Ik heb tussendoor alvast macaroni gemaakt voor straks, wilde de vaatwasser uitruimen, ik doe het kastje open waar ik de schone kopjes in wil zetten. Het pak koekjes zit niet goed dicht dus ik ga op zoek naar de koektrommel en zie dat het een rommeltje is in het kastje waar de koektrommel thuis hoort. Er staan een paar dingen die ruim over de datum zijn, oh barst de vuilniszak is vol, pak een nieuwe vuilniszak, en dan hoor ik een pingeltje op mijn laptop. Ik ga achter mijn laptop zitten, reageer op facebook, en kan de verleiding niet weerstaan om  meerdere spelletjes candy crush te spelen. Na een uur is de vaatwasser nog halfvol, het aanrecht een bende met de spullen die over datum zijn en de vuilniszak is nog steeds vol. Wie zegt dat ik chaotisch ben?

Mijn lichamelijke onrust bestaat niet echt uit extreem bewegen, alhoewel, als ik loop, zwiepen mijn armen alle kanten op. Het valt me nog mee dat ik tijdens het lopen nog nooit iemand tegen de vlakte heb gemept. Ik struikel over mijn eigen benen, en als ik samen met manlief ben, lopen we hand in hand omdat hij me zo op kan vangen als ik weer ergens over struikel, of een stoeprandje over het hoofd zie. Loop ik alleen dan gaat het regelmatig fout. We woonden net in Amsterdam en ik wilde even naar de Hema om de hoek. Ik was nog geen 10 meter buiten, en ik lag al languit midden op de Albert Cuyp op het gedeelte waar de trams rijden. Stoeprandje vergeten.

Doet me ook denken aan jaren geleden, ik was nog een kind. Meestal wilde ik broeken aan, maar omdat het zondag was en we toen nog echt zondagse kleren hadden moest ik mijn zondagse rokje aan. We hadden in onze wijk paaltjes bij de achterpaden staan,  om zo auto’s op het achterpad te mijden. Ik sprong altijd over die paaltjes, bokkiespringen noemden we dat. Zo ook die zondag. Was ik toch vergeten dat ik een rokje aanhad. En daar hing ik, ondersteboven met een flinke winkelhaak in het deftige zondagse rokje. Ik heb in mijn kindertijd veel blauwe plekken opgelopen. Maar welk gezond kind heeft dat nou niet zou je denken. Ik had en heb altijd wel ergens blauwe plekken. Ik val, struikel, en heb vaker mijn hoofd gestoten dan een ezel en vaker de grond gekust dan de paus.

Ik heb moeite met gezichten en namen onthouden, en als ik namen onthoud dan geef ik ze met grote regelmaat aan de verkeerde persoon. Ik heb 4 kinderen, een man en een kat en als ik iemand wil roepen dan komt het hele rijtje namen aan bod, inclusief die van de kat. Ook roep ik met regelmaat tegen mijn ex de naam van manlief, en vice versa, wat onmiddellijk afgestraft word met mij benoemen met de naam van zijn ex. Gelukkig kunnen we er samen smakelijk om lachen. Humor en zelfspot is mij niet vreemd.

Ken je dat? Sta je op het punt om naar een afspraak te gaan. Sta je bij de lift, bedenk je dat je nog een formulier (wat je op het allerlaatste moment hebt ingevuld) moet meenemen wat nog in huis ligt. Dus terug naar huis, je legt je sleutels en je tas ergens neer in huis, gaat als een gek op zoek naar het bewuste formulier. Heb je eindelijk dat kreng gevonden moet je eerst weer op zoek naar je tas, kom je erachter dat je je sleutels weer ergens anders hebt neergelegd, krijgt je kind nog een snauw omdat je al te laat voor je afspraak bent en je nog steeds je sleutels aan het zoeken bent..

Regelmatig dubbele afspraken, bepaalde zaken niet kunnen organiseren, lange termijn planning niet kunnen overzien, en als iemand gezellig een bakkie bij je wil doen altijd ‘ja leuk!’ roepen en later denken ‘o fuck…’
Als je dan toch je visite over de vloer hebt, vind je het eigenlijk wel heel gezellig. Je laat de visite binnen, gaat gelijk in de babbelmodus, en na een kwartier heeft de visite eindelijk koffie staan. Als ze geluk hebben dan, het overkomt mij ook weleens dat de visite aan mij vraagt wat ik in mijn koffie heb, omdat ik door het kletsen gewoon vergeet om voor mijn visite te zorgen.

Of ken je deze, in een bepaalde situatie een gezegde willen uitten, en terwijl je het hardop zegt al weten dat er iets niet klopt. Sta je samen met manlief en een monteur in de lift, en ik mag niet oordelen, maar die monteur kwam niet zo heel slim over. Wij stappen op onze verdieping uit, de monteur achterlatend in de lift. Nog voor de lift helemaal dicht zit flap ik eruit dat die man ook het kruidvat niet uitgevonden heeft. Manlief ligt in een deuk en zegt heel droog, of hij heeft de Etos niet uitgevonden. Op dat moment besef ik dat ik eigenlijk had moeten zeggen dat hij het buskruit niet uitgevonden had. Ik zet ook gerust ‘doden aan de zeik’ i.p.v. ‘zoden aan de dijk’.

En zo kan ik nog wel uren doorgaan over mijn leven als ADHD’er. Ik denk dat jullie als lezers ook wel het 1 en ander herkennen en denken “verrek dat heb ik ook”. Echt niet raar hoor, iedereen heeft wel iets van ADHD in zich. Maar ADHD momenten hebben of er echt 1 zijn, daar zit best verschil in. Bij mij bijvoorbeeld gaan die ADHD momenten de hele dag door, het stopt niet, net zomin als dat mijn gedachten stoppen. Ik ben ADHD en Mirjam, bij alles wat ik doe zit een combinatie van beiden, en er is eigenlijk niet veel wat ik daar aan zou willen veranderen. Want met ons is het nooit saai!